Conflicten Teller nl

  • Er is sprake van grote politieke tegenstellingen, spanningen en/of machtsstrijd
  • Dit heeft nog niet geleid tot geweld of de spanningen gaan niet langer met geweld gepaard
  • Het conflict speelt nu, of niet langer dan een jaar geleden
  • Er is gewapende strijd om de macht over (een deel van) het land
  • Bij de strijd is minstens één regeringsleger en één andere gewapende groepering betrokken
  • Er is gewapende strijd geweest tussen gewapende groepen met meer dan 25 doden per jaar.
  • Er is nu geen grootschalige gewapende strijd meer, er is een vredesakkoord, staakt-het-vuren of het conflict is slapend
  • Er vallen (relatief) weinig doden door de strijd; minder dan 25 per jaar.
  • De oorzaken van het conflict zijn nog niet echt weggenomen.
  • Er kan opnieuw gewapende strijd uitbreken.
  • Er is sprake van grote politieke tegenstellingen, spanningen en/of machtstrijd.
  • Het conflict valt niet onder de bovenstaande 3 definities, maar is belangrijk genoeg om onder de aandacht te worden gebracht.
  • Bij dit conflict zijn filmpjes en/of teksten beschikbaar waarin de persoonlijke verhalen achter het conflict verteld worden.
  • KIik op de vertellerknop hierboven om de popup met de filmpjes te openen.

Aantal conflicten
in de wereld

Liberia

augustus 2010

Inleiding

In de periodes 1989-1996 en 1999-2003 hebben er in Liberia een tweetal bloedige oorlogen plaatsgevonden om de politieke macht waarbij vooral burgers het slachtoffer waren. Na het vertrek van president Charles Taylor in 2003 kwam het vredesproces op gang. Taylor staat sinds 2007 terecht voor het Internationaal Gerechtshof in Den Haag.

Edit
Delete
Betrokken partijen

Eerste Liberiaanse burgeroorlog:

- De regering en het leger van Liberia

- De rebellenbeweging NPFL (National Patriotic Front of Liberia)

- De rebellenbeweging INPFL (Independent National Patriotic Front of Liberia)

- ECOWAS (Economic Community of West-African States)

- Het rebellenleger ULIMO (United Liberation Movement of Liberia for Democracy)

- De VN

  

Tweede Liberiaanse burgeroorlog:

- De regering en het leger van Liberia (onder leiding van Charles Taylor)

- De rebellenbeweging LURD (Liberians United for reconciliation and Democracy)

- De rebellenbeweging RUF uit Siërra Leone

- Siërra Leone

- Guinee

- ECOWAS

- De VN

 

Edit
Delete
Het conflict

Liberia is vrij uniek, omdat de staat gesticht is door voormalige slaven uit de Verenigde Staten in 1847. Met behulp van de VS werd er een democratie in Liberia opgezet. Echt heel democratisch was Liberia echter niet; de voormalige slaven – de ‘Amerikaanse Liberianen’ -  beschouwden de oorspronkelijke bewoners van het gebied waar Liberia gesticht was als tweederangsburgers, waardoor er grote tegenstellingen tussen de verschillende bevolkingsgroepen die Liberia bevolkten ontstonden. In de jaren ’70 verslechterde de economische situatie in Liberia wat voor sociale onrusten onder de bevolking zorgde. In 1980 resulteerde dit in een militaire coup, die gepleegd werd door de legerofficier Samuel Doe. Het bewind van Doe was een dictatuur en hij creëerde nog meer scheidingslijnen tussen de verschillende bevolkingsgroepen in Liberia, met nog meer onderlinge spanningen tot gevolg.


Het conflict om de politieke macht in Liberia (los van de coup in 1980) is in twee fasen in te delen; de periode 1989-1996, nu ook wel de Eerste Liberiaanse burgeroorlog genoemd waarin toenmalig rebellenleider Charles Taylor aan de macht kwam, en de periode 2000-2003, de Tweede Liberiaanse burgeroorlog waarin nieuwe rebellengroepen tegen toenmalig president Taylor streden. Het conflict in Liberia staat (net als het conflict in buurland Siërra Leone) bekend om de ‘bloeddiamanten’; diamanten die in de mijnen in meerdere Afrikaanse landen gevonden zijn en gebruikt werden om de gewapende strijd tussen verschillende rebellenbewegingen, maar ook de desbetreffende staat te financieren.

 

Eerste Liberiaanse burgeroorlog

 

Tijdens de dictatuur van Doe trainde Charles Taylor, een voormalig lid van het regime van Doe wat gevlucht was, in het buurland Ivoorkust in het geheim rebellen van noordelijke stammen uit Liberia. In 1989 lanceerde hij zijn eerste aanval met de rebellenbeweging NPFL in het noorden van Liberia. Daar woonden meerdere bevolkingsgroepen die erg leden onder het bewind van Doe en daarom de NPFL steunde. Doe reageerde hierop door een groot deel van het leger van Liberia naar dit gebied te sturen, waar het leger vervolgens grove misdaden tegen de bevolking beging. Veel burgers uit het gebied werden hierdoor lid van de NPFL, terwijl de NPFL zelf ook veel mensen en ook kinderen dwong mee te vechten. Het leger, wat niet opkon tegen NPFL, viel uiteen in groepen gewapende bandieten. De legertroepen en de NPLF begingen grove misdaden tegen de bevolking.

 

In 1990 ontstond er een splitsing in de NPFL, toen een commandant wegbrak en een eigen beweging, de INPLF vormde. Beiden belegerden vervolgens samen de hoofdstad van Liberia, waar Doe nog zetelde. De Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse landen (ECOWAS) besloot toen om een troepenmacht te sturen om te voorkomen dat het conflict zich verder zou verspreiden naar de omringende buurlanden. Toen Doe het hoofdkwartier van de ECOWAS missie wilde bezoeken, werd hij overvallen door de INPLF en vermoord. De ECOWAS missie wist wel te voorkomen dat de rebellen de hoofdstad van Liberia innamen. Taylor creëerde vervolgens een eigen ‘staat’ in het gebied wat de NPLF controleerde. Vanuit die eigen ‘staat’ smokkelde Taylor allerlei grondstoffen en diamanten om de NPLF te financieren en vanaf 1991 steunde hij vanuit zijn gebied de rebellenbeweging RUF in Siërra Leone.

 

In november 1990 wist ECOWAS via vredesonderhandelingen een interim-regering te formeren. De INPLF ging met verschillende afspraken tijdens het vredesproces akkoord en legde in 1991 de wapens neer. De NPLF deed dit echter niet, waardoor het conflict voort bleef duren. In datzelfde jaar vormde verschillende legertroepen die loyaal waren gebleven aan Doe het rebellenleger ULIMO in Siërra Leone, en streed van daaruit tegen de NPFL.

 

Zowel ECOWAS als de VN hebben geprobeerd een vredesakkoord tussen ULIMO en de MPFL te bewerkstelligen. De VN stelde hier zelfs een vredesmissie voor aan, maar vanwege de gewelddadigheden trok de VN deze missie in 1994 weer terug. In 1995 werd er een vredesakkoord bereikt waarin werd afgesproken dat de leiders van de rebellenbewegingen gezamenlijk een regering zouden leiden. In 1996 braken er echter opnieuw gewelddadigheden uit, waarbij Taylor en diens NPLF de ULIMO versloeg. Er werd vervolgens opnieuw een vredesakkoord gesloten, waarbij werd afgesproken dat in 1997 verkiezingen zouden worden gehouden. Charles Taylor won deze verkiezingen en werd president van Liberia. Na de overwinning van Taylor keerde de stabiliteit redelijk terug in het land en konden de eerste vluchtelingen terugkeren.

 

Tweede Liberiaanse burgeroorlog

 

Taylor zelf bleef ook na zijn aanstelling als president zich mengen in gewelddadige conflicten in buurlanden, zoals in Guinee en in Siërra Leone. Naar het buurland Guinee waren een hoop voormalige ULIMO strijders gevlucht, en de regering van Guinee steunde deze strijders in de oprichting van een nieuwe rebellenbeweging, de LURD. De LURD had als doelstelling het verdrijven van Taylor als president. In 1999 viel de LURD voor het eerst Liberia binnen, wat het begin zou zijn van de Tweede Liberiaanse burgeroorlog.

 

In 2000 escaleerde het conflict tot een grootschalige oorlog, waarbij zeer veel burgerslachtoffers vielen en veel mensen werden gedwongen om te vluchten. Het conflict breidde zich zelfs uit naar de buurland Guinee, omdat Taylor de RUF, die nog steeds trouw aan hem was, vanuit Siërra Leone Guinee liet binnenvallen vanwege diens steun aan de LURD. Guinee wist de RUF terug te dringen naar Liberia en Siërra Leone. Vervolgens steunde zowel Guinee als Siërra Leone steunde de LURD, zodat in 2002 de LURD een groot deel van Liberia in handen had. Tegelijkertijd legde de VN een diamantenembargo op aan Liberia, zodat Taylor de RUF en diens eigen troepen niet meer met de diamantenhandel kon financiëren. Taylor werd gedwongen om de noodtoestand uit te roepen. Net als in de vorige burgeroorlog maakten de rebellenbewegingen gebruik van kindsoldaten en begingen ze grove gewelddadigheden tegen Liberiaanse burgers. In de zomer van 2003 had de regering van Liberia nog maar een derde van het land in handen, de rest werd gecontroleerd door de rebellen.

 

Door internationale druk werden er vredesonderhandelingen gestart in juni 2003 in Ghana. Tegelijkertijd werd de hoofdstad van Liberia, waar de regering zetelde, belegerd. Onder diplomatieke druk besloot Charles Taylor terug te treden als president van Liberia en vluchtte hij naar Nigeria. Er werd een arrestatiebevel tegen Taylor uitgevaardigd door het Internationaal Strafhof, maar Nigeria weigerde Taylor uit te leveren. In augustus werd een definitief vredesakkoord ondertekend, wat het einde betekende van de burgeroorlog. Na de ondertekening van het akkoord hieven de rebellen de belegering van de hoofdstad van Liberia op. In september 2003 installeerde de VN een vredesmacht in Liberia, die moest toezien op de uitvoering van het vredesproces, waarin was afgesproken dat de rebellen gedemobiliseerd zouden worden en er nieuwe verkiezingen zouden komen.

 

Hoewel het vredesakkoord stand hield, is het lange tijd onrustig gebleven in Liberia dankzij verschillende kleine rebellengroepen die door het land zwierven. In 2005 zijn er verkiezingen gehouden in Liberia, die werden gewonnen door een vrouw, Ellen Johnson-Sirleaf. President Johnson is de eerste vrouwelijke president van zowel Liberia als het hele Afrikaanse continent. Met de presidentsverkiezingen was er een eerste echte stap richting wederopbouw gemaakt.

 

In 2006 eiste president Johnson van Nigeria de uitlevering van voormalig president Taylor, zodat hij berecht kon worden voor zijn betrokkenheid bij het conflict in Siërra Leone. Nigeria willigde het verzoek, en Taylor werd overgedragen aan de VN. Vervolgens werd Taylor overgebracht naar Siërra Leone, om daar terecht te staan voor het Siërra Leone tribunaal. Echter, vanwege veiligheidsredenen is hij verplaatst naar Nederland, naar het Strafhof in Den Haag, waar hij sinds 2007 wordt berecht.

 

Stand van zaken augustus 2010


In juli 2010 werd bekend gemaakt dat Liberia een schuldenverlichting zal krijgen van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de Wereldbank, omdat het land na het einde van de tweede burgeroorlog een stabiele economie heeft weten te ontwikkelen.

 

In Nederland wordt op dit moment Charles Taylor, de voormalige president van Liberia, namens het Siërra Leone tribunaal berecht voor zijn betrokkenheid bij de oorlog in Siërra Leone. Hij wordt in Nederland op het Internationaal Strafhof in Den Haag berecht vanwege veiligheidsredenen. In augustus 2010 moest internationaal topmodel Naomi Campbell voor het Strafhof getuigen over een diamant die zij van oud-president Taylor kreeg tijdens een diner in Zuid-Afrika wat georganiseerd was door de toenmalige Zuid-Afrikaanse president Nelson Mandela. De desbetreffende diamant zou een zogenoemde ‘bloeddiamant’ zijn, waarmee Taylor de gewapende strijd financierde. De kans dat Taylor veroordeeld wordt, wordt sterk vergroot indien bewezen wordt dat hij inderdaad gehandeld heeft met ‘bloeddiamanten’ uit Siërra Leone.

 

Cijfers


Tijdens de Eerste Liberiaanse burgeroorlog zijn er ongeveer 150.000 slachtoffers gevallen en hebben meer dan 850.000 mensen moeten vluchten naar opvangkampen in omringende buurlanden. Tijdens de Tweede Liberiaanse burgeroorlog zijn er nog eens 300.000 burgers ontheemd geraakt en kwamen rond de 150.000 mensen om het leven. Na de tweede burgeroorlog hebben zich bij de VN ongeveer 101.000 strijders gemeld om gedemobiliseerd te worden en zijn er zo’n 27.000 wapens ingeleverd.

 

Betrokkenheid internationale gemeenschap


Tijdens beide conflicten zijn zowel vanuit de internationale gemeenschap de VN als ECOWAS (de Economische Gemeenschap van West-Afrikaanse landen) betrokken geweest. ECOWAS heeft tijdens de eerste burgeroorlog in Liberia een militaire missie naar het land gestuurd om een interim-regering aan te stellen en om te voorkomen dat het conflict zich verder zou verspreiden naar de omringende buurlanden. Ook is de ECOWAS missie verantwoordelijk geweest voor verschillende vredesakkoorden, waarvan de meesten echter geen stand hielden. Tijdens de tweede oorlogsperiode is ECOWAS verantwoordelijk geweest voor de vredesonderhandelingen in Ghana in 2003, die tot het definitieve vredesakkoord leidde waarmee het conflict beëindigd werd.

 

De VN is vanaf 1993 betrokken geweest bij de twee burgeroorlogen in Liberia. Nadat ECOWAS in 1993 een vredesakkoord tussen alle strijdende partijen had weten te bereiken stuurde de VN een humanitaire missie naar Liberia, genaamd UNOMIL. Toen de gewelddadigheden in 1995 weer uitbraken trok de VN deze missie tijdelijk terug. In 1997 liep de missie af. In 2003, na het einde van de tweede burgeroorlog, stuurde de VN een nieuwe missie naar Liberia. Deze missie, genaamd UNMIL, moest toezien op de uitvoering van het vredesproces. UNMIL is nog steeds actief in Liberia.




Edit
Delete
Vredesproces en wederopbouw

Nederlandse NGO's actief


ICCO

Stichting Vluchteling

SOS Kinderdorpen

MIVA/OneMen

Edit
Delete
Betrokkenheid vrouwen bij het conflict

Onder de vluchtelingen bevonden zich zowel tijdens de eerste als de tweede burgeroorlog in Liberia veel vrouwen. Tijdens beide burgeroorlogen kregen veel vrouwen en meisjes te maken met ontvoering en seksueel geweld. Veel jonge meisjes werden als slaven gebruikt door de commandanten van de verschillende rebellenbewegingen. Ook vochten veel vrouwen en meisjes actief mee in de twee burgeroorlogen; ongeveer 30 procent van het totaal aantal aan rebellen was vrouw. Na het einde van de tweede burgeroorlogen zijn er door de VN meerdere demobilisatieprogramma’s opgezet die zich ook richtten op vrouwelijke ex-strijders.

 

Het einde van de Tweede Liberiaanse burgeroorlog kan voor een groot deel toegeschreven worden aan de Women of Liberia Mass Action for Peace beweging. Deze beweging startte met vrouwen die zongen en bidden op een lokale vismarkt. De beweging kreeg duizenden vrouwelijke aanhangers, die met geweldloze acties een ontmoeting met president Taylor wisten te forceren, en het voor elkaar kregen dat hij naar de vredesonderhandelingen ging die in Ghana gehouden werden. Een delegatie van de vrouwenbeweging ging vervolgens ook naar Ghana tijdens de onderhandelingen, en blokkeerden alle uitgangen van het paleis waar de onderhandelingen gehouden werden, zodat niemand naar buiten kon voordat er een akkoord bereikt was. De beweging heeft hiermee bijgedragen aan het bereiken van een uiteindelijk vredesakkoord.

 

Sinds Ellen Johnson-Sirleaf als eerste vrouwelijke president in Liberia aan de macht is, zijn de positie van de vrouw en de rechten van de vrouw in het land sterk verbeterd. Er moet echter nog een hoop gebeuren, omdat er nog steeds veel vrouwen in Liberia zijn die slecht toegang hebben tot bijvoorbeeld onderwijs. De laatste jaren zijn er steeds meer lokale vrouwenbewegingen actief geworden in Liberia om de positie van de vrouw verder te verbeteren.


Edit
Delete
Betrokkenheid kinderen bij het conflict

Ook een groot aantal kinderen behoorden tijdens de eerste als de tweede burgeroorlog tot de grote stroom van vluchtelingen. De burgeroorlogen in Liberia staan bekend om het grote gebruik van kindsoldaten tijdens het conflict. Velen waren gedwongen om mee te vechten, maar er waren ook kinderen die meevochten vanwege de kansen om zichzelf economisch te verrijken via plunderingen.

 

Na het einde van de tweede burgeroorlog in 2003 startte de regering van Liberia in samenwerking met de VN en UNICEF een demobilisatie en reïntegratieprogramma voor ex-kindsoldaten op. Voor veel kinderen en zeker voor meisjes die door de commandanten van de verschillende rebellenbewegingen als slaven waren gebruikt was het erg moeilijk om terug te keren in de samenleving, zeker wanneer ze ook een kind hadden van zo’n commandant.  Velen van hen zochten daarom ondanks dat het conflict beëindigd was de bescherming van hun voormalige commandant op, omdat deze de laatste persoon was die de kinderen in feite onderdak en voedsel had geboden. Ook heerste er dankzij het conflict een grote jeugdwerkloosheid waardoor het risico bestond dat kinderen opnieuw gerekruteerd zouden kunnen worden door rebellenbewegingen die actief waren in conflicten in buurlanden, zoals Ivoorkust.

 

In oktober 2004 waren er meer dan 10.000 kinderen gedemobiliseerd, waarvan 2.300 meisjes. In 2007 participeerden ongeveer 9.700 van de 11.000 ex-kindsoldaten in reïntegratieprogramma’s.

 

Edit
Delete
Links en downloads

Media


NRC Handelsblad

Nieuwsthema – Charles Taylor (bijgewerkt tot en met 2009):

http://www.nrc.nl/nieuwsthema/charles_taylor/

 

The Guardian

Q&A – Charles Taylor and Liberia’s Civil War (Engelstalig):

http://www.guardian.co.uk/world/2006/apr/03/westafrica.qanda  

 

BBC News

Q&A – New hope in Liberia (Engelstalig):

http://news.bbc.co.uk/2/hi/africa/2975834.stm

 

Website


OneWorld.nl

Vijf vragen over bloeddiamanten (4 augustus 2010):

http://www.oneworld.nl/Nieuws/Actueel/article/26459/Vijf_vragen_over_bloeddiamanten